09-06-08

ER IS GEEN BELGISCHE BUITENLANDSE POLITIEK MEER

kuifje

In grotere landen zoals bv. Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten, is de buitenlandse politiek vaak een onderwerp in discussies en debatten en kan ze zelfs determinerend bij verkiezingen zijn.  Dit is in een klein land zoals België praktisch nooit het geval.  Onze landgenoten zijn meestal realistisch genoeg om te beseffen dat de invloed die België op de gebeurtenissen in de wereld kan uitoefenen, meer dan relatief is.

In essentie beperkt de Belgische buitenlandse politiek zich tot twee domeinen: de EU en Centraal-Afrika.  Er zijn op deze regel uiteraard uitzonderingen zoals de huidige belangstelling voor wat zich in China afspeelt, maar dit is eerder zeldzaam.  Wanneer we bovendien echt realistisch durven doordenken, kunnen we niet anders dan beseffen dat ons werk in de EU veel minder belangrijk is dan we willen doen geloven.  België maakt vanzelfsprekend veel schuim, omdat er heel wat Europese instellingen hier gevestigd zijn en wil ook omwille van deze reden de beste leerling uit de Europese klas zijn, maar van naderbij beschouwd is de Belgische invloed op Europese beslissingen en de evolutie van de Unie vrij beperkt. 

 Afrika, geen “Belgische knowhow” 

Het voornaamste terrein van de Belgische buitenlandse politiek is dan ook Afrika en meerbepaald Centraal-Afrika.  Sinds in 1960 hals over kop Congo onafhankelijk gemaakt werd, zonder rekening te houden met het feit dat dit land er helemaal niet op was voorbereid, heeft België steeds geprobeerd op het zwarte continent aanwezig te blijven.  De regeringen hebben de ene na de andere veel tijd besteed aan Congo, er veel geld ingestoken en af en toe zelfs troepen gestuurd.  Soms werden voor dit alles zakelijke argumenten aangehaald, soms morele en soms ging het doodgewoon om de bescherming van onze landgenoten die nog ter plaatse waren, maar steeds beriep men zich op de zgn. “Belgische knowhow” die België omtrent dit gebied zou opgebouwd hebben.  Wie de zaak wat van naderbij bekijkt, komt echter vrij snel tot de conclusie dat dit laatste een mythe is, die misschien zorgvuldig onderhouden wordt, maar helemaal niet met de realiteit in overeenstemming is.

Sinds 30 juni 1960, de dag van de onafhankelijkheid, is Congo stilaan verzonken in een moeras van corruptie en geweld en is het land er feitelijk systematisch op achteruit gegaan.  Al wat wij hiertegen ondernomen hebben, zelfs de massa’s geld die we erin geïnvesteerd hebben, mochten niet baten.  M.a.w. België is nu al bijna een halve eeuw in Congo aan het floppen. 

 “Out of Africa” of “Back to Africa”? 

Tijd om hier conclusies uit te trekken.  De Vlamingen hebben dit reeds lang gedaan en dit was meer dan duidelijk onder het beleid van minister van Buitenlandse Zaken De Rycke.  Deze werd hiervoor dan ook regelmatig door de Franstalige media zwaar onder vuur genomen.  

Toen De Rycke het departement verliet werd hij vervangen door de Waal Louis Michel, die het roer totaal omgooide.  Hij viel niet alleen op met een aantal onhandige opmerkingen m.b.t. de binnenlandse politiek van landen als Oostenrijk, Italië en zelfs de Verenigde Staten, maar vooral door het organiseren van een back-to-Africa-politiek.  Hij werd in feite de verpersoonlijking van die nostalgie en drang naar Afrika, die nog steeds zo sterk in Franstalige beleidskringen – en dus ook aan het hof – aanwezig is.  Het is alsof in deze milieus het oude belgicistisch imperialistisch lied: “is uw landje niet groot, ginds toch wacht u een strand als een wereld zo groot waar uw vlag staat geplant” blijven leven is. 

Onder het voorwendsel dat er vooruitgang geboekt werd, heeft De Gucht willens nillens deze politiek verder gezet.  Hij herhaalde steeds weer dat hoe ingewikkeld en moeilijk de zaak ook was, er uiteindelijk toch vooruitgang geboekt werd.  Zo werden bv. met heel veel Belgisch geld en ook heel wat fondsen uit de internationale gemeenschap, verkiezingen op het getouw gezet, waarmee dan later moest aangetoond worden dat verandering toch mogelijk was.  De waarheid is dat deze verkiezingen neerkwamen op een duel tussen enerzijds Kabila junior, waarvan de Minister van Buitenlandse Zaken regelmatig, tot spijt van wie ’t benijdt, durft te zeggen dat zijn regime corrupt is tot op het bot, en anderzijds dhr. Bemba, die zopas in dit land aangehouden werd omdat hij wegens genocide en massale verkrachtingen voor de internationale rechtbank van Den Haag gedaagd wordt. 

Ondertussen gaan de verschillende burgeroorlogen in Oost-Congo meedogenloos door.  Wat wel duidelijk is: de door De Gucht gevoerde politiek is ondanks zijn voorzichtigheid niet naar de smaak van de hierboven reeds vermelde Franstalige heersende kringen.  Hij wordt dan ook al even fel onder vuur genomen als zijn voorganger De Rycke.  Met ander woorden: het verschil in visie over de Belgische buitenlandse politiek tussen Vlamingen en Walen is dermate groot dat de wanneer de Minister van Buitenlandse Zaken een Vlaming is, ook al is hij geen flamingant, dit onmiddellijk tot conflicten leidt, die ondanks het feit dat het maar om buitenlandse politiek gaat, plots toch belangrijk zijn.  Waarom?  Omdat deze buitenlandpolitiek tenslotte toch in het binnenlandse politieke vaarwater terecht komt. 

M.a.w.: België barst zelfs in Congo…

Maar wat er ook van zij, één zaak staat vast: behalve voor wat humanitaire hulp betreft (noodhulp in geval van hongersnood bv.), kunnen wij in Centraal-Afrika niets nuttigs meer uitrichten.  Hoog tijd dus voor De Gucht om de enige mogelijke conclusie te trekken: Out of Africa!

16:06 Gepost door Francis Van den Eynde in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ontwikkelingssamenwerking, congo, de gucht |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.