28-01-09

Aan Marie-Rose Morel

speechmrBeste Marie-Rose,

 

Ik was vandaag zinnens een webbrief over politiek en semantiek te verspreiden. Dat zal echter wat moeten wachten. Wat nu voorrang heeft, is jou te vertellen hoe pijnlijk verbaasd ik was toen ik over je ziekte hoorde. Het lot had je de laatste tijd al niet gespaard, maar als jonge vrouw en moeder dit er nog moeten bijnemen …

 

Ik wil je dan ook moed inspreken. Niet dat het je daaraan zou ontbreken. Je bent weliswaar geen vrouw van het type waarvan als ze in een mannengezelschap zit, gezegd wordt: de enige vent in die groep is zij. Daar ben je te vrouwelijk voor. Maar zoals echte vrouwen heb je in tegenstelling met de meeste mannen geen strijdperk nodig om je moed te bewijzen. De eerste helft van je voornaam verwijst trouwens naar iemand die ook een zeer moedige madam is geweest. Met de tweede helft kan je de jou ingeboren strijdlust aanscherpen door te bewijzen dat de Franse dichter die ooit schreef “… et rose elle vécu ce que vivent les roses, l’espace d’un matin.” een leugenaar en een oude sassa was (volgens mij schreef hij dit gedicht omdat zijn gevorderde leeftijd hem belette nog jonge meisjes te versieren).

 

Tenslotte dit nog: je weet dat je altijd op mijn vriendschap en kameraadschap hebt mogen rekenen. Ik bied ze jou hiermee opnieuw aan en dit ongetwijfeld net als zovele anderen. Het is omwille van dit laatste dat ik deze brief ook openbaar maak. Vermits ik toch al Frans gebruikt heb, wil ik als oud-Brusselaar eindigen met het gezegde dat ik vaak in mijn geboortestad heb gehoord en nu aan jou opdraag: “Patience et courage, on les aura”.

 

Houzee meid!

 

Francis

12:57 Gepost door Francis Van den Eynde in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: actualiteit, marie-rose morel |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.